Welke onderwerpen komen aan bod in het AZ-900-examen?
Het AZ-900 examen is opgebouwd uit vier hoofddomeinen. Samen geven die je een breed beeld van Azure Fundamentals. Het grootste deel van de vragen (35 tot 40 procent) gaat over Azure-architectuur en services. Daarin krijg je onder andere vragen over compute-opties zoals virtuele machines, containers en serverless.
Dit is de verdeling die je grofweg kunt aanhouden:
Domein 20 tot 25 procent: cloudconcepten zoals de voordelen van cloud computing, de service-modellen (IaaS, PaaS, SaaS) en het verschil tussen public en private cloud.
Domein 35 tot 40 procent: Azure-architectuur en services, met onderwerpen zoals regio’s en beschikbaarheidszones, compute, storage en netwerken.
Domein 30 tot 35 procent: Azure management en governance, waaronder kostenbeheer, toegangsbeheer, compliance en werken met de Azure Portal.
Bij cloudconcepten leer je vooral het waarom achter de cloud. Denk aan schaalbaarheid, flexibiliteit en kosten. Je leert ook wanneer een organisatie eerder kiest voor IaaS dan voor SaaS, afhankelijk van hoeveel je zelf wilt beheren.
Het onderdeel management en governance draait om controle en beveiliging in Azure. Je leert hoe je resources beheert, kosten bewaakt met budgetten, rechten toekent via toegangsbeheer en hoe je rekening houdt met compliance en privacywetgeving. Dat soort basiskennis komt in bijna elke IT-rol van pas.
Hoeveel tijd heb je nodig om je voor te bereiden?
De voorbereidingstijd voor het AZ-900 examen hangt vooral af van wat je al weet. Als je nog geen IT-ervaring hebt, reken dan meestal op vier tot zes weken wanneer je dagelijks één tot twee uur studeert. Heb je wél een IT-achtergrond maar nog weinig met cloud gedaan, dan lukt het vaak al in twee tot drie weken.
Combineer theorie met praktijk. Maak een gratis Azure-account aan en test de services die je leert. Lees je bijvoorbeeld over virtuele machines, zet er dan ook eentje op. Door zelf te klikken en te bouwen blijven de begrippen veel beter hangen.
Werk met een logische planning. Start met de basis van cloudconcepten, zodat je het fundament hebt. Daarna besteed je de meeste tijd aan Azure-architectuur en services, omdat dit een groot deel van het examen vormt. Sluit af met beheer en governance; die onderwerpen vallen vaak sneller op hun plek als je de services al kent.